2. Over de muziektheorie in mijn boek
INLEIDING
Er is een verband tussen mijn muziektheorie (onderdeel van de muziekwetenschap) en de vroege wetenschap.
Volgens mij moet de soort veranderingen in ordening en nomenclatuur bij de vroege wetenschap
(dat staat in nummer 1), ook in de muziektheorie plaats vinden. Op welke wijze staat hieronder onder de kop: "De systematiek in mijn boek"
Eerst nog twee opmerkingen:|
* Mijn boek behandelt ook de nogal inconsistente ordening in traditionele muziektheorie,
* Op deze site worden dingen uit mijn boek globaal beschreven, in mijn boek zelf wordt daarop dieper en precies ingegaan.
De systematiek in mijn boek
Hoofdstuk 3. TOONLADDERS
Voor mij was de systematiek van Linnaeus de inspiratie om intervallen en 22 loonladders
duidelijk in te delen en aan te duiden.
De tabel op bladzijde 28 heeft 5 kolommen met in kolom 3 (de middelste) 22 toonladders van C
Links van de toonladders staat kolom 1 met mijn laddersymbolen, in kolom 2 mijn laddernamen. De toonladders zijn daarin ingedeeld in toonorden, toonfamilies en toongeslachten (modi), alla Linneaus.
Rechts van de toonladders staan in kolom 4 de traditionele laddernamen. In kolom 5 staat de nummering van de ladders: 1 t/m 22.
Hoofdstuk 2. TONEN EN INTERVALLEN
Ook de intervallen worden in hoofdstukken 2 en 7 van mijn boek ingedeeld in:
families, geslachten, en soorten,
Hoofdstuk 4. AKKOORDEN
Akkoordsymbolen
Bij mijn symbolen en bij de traditionele worden de majeur intervallen en de mineur septiem (7) met een cijfer aangeduid.
In traditionele symbolen worden alle andere intervallen:
de mineur, overmatige, verminderde en dubbelverminderde intervallen, met een getal
plus een kruis of mol, zoals 5b en 5# voor de verminderde respectievelijk overmatige kwint.
In mjn akkoordsymbolen worden alle andere intervallen alleen met een letter weergegeven die van een Engelse term is afgeleid. Zo zijn ze internationaal en niet speciaal Nederlands.
Bijna al deze letters zijn zo gekozen dat ze makkelijk te onthouden zijn.
Opmerking: In traditionele symbolen kan ook Engels voorkomen (dim, aug, no, add, alt)
De tabel. Alle intervallen staan in een tabel et symbolen van mij en de traditionele, en de Engelse en Nederlandse namen.
Dat ook de dubbelverminderde intervallen eenvoudig weergegeven kunnen worden zullen vele musici, vooral die in de klassieke muziek een voordeel vinden. Deze ondubbelzinnige eenvoudige en duidelijke manier van akkoorden weergeven heeft volgens mij de potentie van een wereldstandaard. Het zou voor velen muziekbeoefenaren een zegen zijn als het dat zou worden.
Opmerking: Met de (internationale) Sibelius hebben mijn symbolen de wind mee. In nummer 3 volgt meer over mijn akkoordsymbolen
Hoofdstuk 5. TONALITEIT
Wat betekenen grondtoon, toonsoort, toonaard, tonaliteit, en modus? Deze termen hebben niet voor iedereen dezelfde betekenis. Mijn nomenclatuur in een overzichtelijk schema aan het begin van hoofdstuk 5 kan een eind aan deze verwarrende situatie maken.
Voor de relatieve akkoordsymbolen worden niet de symbolen Do Re Mi Fa Sol La Si gebruikt, maar zeven hoofdletters. Daaraan kunnen de intervaltekens van de absolute akkoordsymbolen worden toegevoegd. Compact en lekker makkelijk te transponeren.
Tussencadensen/ secundaire cadensen/ uitwijkingen zijn ingedeeld in vijf categorieën.
Dat helpt deze belangrijke maar wat moeilijke materie gemakkelijker te doorgronden.
Overige zaken in mijn boek
Hoofdstuk 6. NOTEN OP NOTENBALKEN
Hierin geven de noten zowel de toonduur (hoofdstuk 1) als de toonhoogte precies weer.
Tijdens het spelen en/of zingen kan je de instructies vanaf bladmuziek of een display lezen zoals
een automobilist tijdens het rijden op de instructies op de verkeersborden leest.
En voor toetsenisten zijn de akkoorden, heel concreet, noot voor noot uitgeschreven in de juiste volgorde, van laag naar hoog, en in het juiste deel van het toonhoogtegebied.
Hoofdstuk 7. GELUIDSLEER
Muziek is dingen in geluid uitbeelden. Wat is geluid eigenlijk? Wanneer is geluid een toon?
Wat is het verschil tussen pianotonen en viooltonen. Over Trilingsbronnen en trillingsveroorzakers. de decibelschaal, de werking van het gehoor en spooktonen. En O ja, onhoorbaar geluid bestaat niet.
Soms zijn formules nodig om de samenhang tussen verschillende natuurkundige weer te geven. Die zijn niet voor iedereen gemakkelijk te begrijpen. Daarom wordt daarvoor uitleg gegeven in mijn boek.
De onderstaande voorbeelden zijn voor sommige mogelijk nuttig voor meer rekenvaardigheid.
1) Basis rekenkunde met voorbeelden van relaties tussen breuken, verhoudingen, tiendelige breuken en procenten.
4/20 \ 5 => 20 : 4 = 20/4 = 20 = 5 1 : 4 = 0,25 want 1 : 4 = (25 x 1) : (25 x 4) = 25 : 100 = 0,25 20 4
0
3 : 2 = 1 1,5 : 1 = 1,5 2 /3,0 \ 1,5
2 -
1 0
1 0 -
0
1 % = 1 = 0,01 100% = 1 1 : 5 = 100 : 5 = 20 1 = 1 : 5 = 100% : 5 = 20%
100 5
2) Simpele algebra waarmee je heel veel voorkomende formules oplost, zoals
lengte x breedte = oppervlakte. In algebra is dat: a x b = c oftewel: c = a x b
Als c = a x b dan c : a = b , want c : a = (a x b) : a => ( a's wegstrepen) c : a = (1 x b) : 1 => c : a = b
Zo ook: c : b = a
Hoofdstuk 8. DE WERKING VAN INSTRUMENTEN
Dit is een technisch hoofdstuk. Iedereen maakt gebruik van techniek. Waar zouden we zijn zonder techniek, vóór het stenen tijdperk!
Beschreven worden, onder andere digitale technieken in de muziek, over microchips, MIDI, akoestische en digitale piano's/vleugels, hoe de gitaar en viool te stemmen, de werking van houten en koperen blaasinstrumenten en wat gebeurt er bij flageoletten en overblazen, het is toegepaste natuurkunde.
Ten slotte over de vingerzetting bij deze instrumenten en over het gebruik van het pianopedaal.
Hoofdstuk 9. ALTERNATIEVE MUZIEKSCHRIFTEN 00
Ik sprak jaren geleden conservatoriumdocent. Die mij vertelde dat een student werd gevraagd:
wat is een A, en dat de student toen zei: "dat is een toets". Hij werd daarna zowat met de grond gelijk gemaakt, want het antwoord had volgens de vraagsteller moeten zijn: "een toon".
Volgen mij komt dit allemaal door Sem Dresden's boek Algemene muziekleer. Daarin wordt een soort gelijk geval beschreven. Ik weet niet of er tegenwoordig nog zo zwaar aan aan dit soort dingen getild wordt. Maar conservatoriumstudenten zijn gewaarschuwd.
Toch had die student volgens mij niet helemaal ongelijk, maar had beter kunnen zeggen:
"onder andere een toets", of: "ook een toets". Van mij mag hij bijna geheel eerherstel krijgen.
In mijn boek staat onder het nummer Transponerende instrumenten blz. 86 meer over dit bijna (taal-)filosofische onderwerp.
Voor de overige zaken in hoofdstuk 9 verwijs ik naar de inhoudsopgave op het internet.
Hoofdstuk 10. MUZIEKGESCHIEDENIS
Een lang hoofdstuk. Van de prehistorie tot nu. Muziekgeschiedenis is het meest uitgebreide onderdeel van de muziekwetenschap. Dikke boeken zijn er over geschreven. Het is toch goed om er iets van
te weten. Hoofdstuk 10 is een goede samenvatting en voorbereiding. Het bevat onder andere de volgende onderdelen:
MUZIEKINSTRUMENTEN,
TOON- EN TOONLADDERSYSTEMEN,
KLASSIEKE MUZIEK met onder andere
Stijlperiodeschema, componisten per stijlperiode, en vormleer.
Muzieknotatie vanaf de middeleeuwen
POPULAIRE MUZIEK VANAF 1900 met onder andere:
Muziekstijlenschema
Roots van de blue notes
Soorten dansmuziek vanaf 1880
Verspreiding van de Afro-Amerikaanse muziek.
GESCHIEDKUNDIG OVERZICHT
Voor een veelzijdiger beeld van de geschiedenis worden hierin behandeld,
de sociale wereldgeschiedenis en de wetenschapsgeschiedenis.
en niet alleen maar een stel losse feiten en jaartallen vermeld zoals wel gebeurt.
Maak jouw eigen website met JouwWeb